Broof t1 staat op veel productbladen van dakbedekking, maar weinig eigenaren weten wat het betekent. Het gaat om de vraag of uw dak vlam vat als er vonken of brandende deeltjes op neerkomen. Bij een bedrijfspand, school of complex is dat geen detail.
Hieronder leest u wat de klasse inhoudt, wat de regels vragen en waar u op let bij een nieuw of gerenoveerd dak.
Wat betekent Broof t1?
Broof t1 is een klasse uit de Europese norm EN 13501-5. Die norm deelt daken in op hun gedrag bij brand van buitenaf. De letter B staat voor de klasse, roof voor dak en t1 voor de testmethode.
Test 1 bootst vliegvuur na. Dat zijn vonken en brandende deeltjes die door de wind op een dak terechtkomen. Denk aan een brand in een naburig pand of vonken uit een schoorsteen. Een dak met klasse Broof t1 laat die brand niet over het oppervlak uitbreiden.
Er bestaan ook andere testen, zoals t2, t3 en t4. Elk Europees land kiest welke test het gebruikt. Nederland gebruikt test 1.
De klasse zegt niets over brand van binnenuit. Daarvoor gelden andere eisen, bijvoorbeeld aan de brandwerendheid van de constructie. Broof t1 gaat alleen over het buitenoppervlak van het dak.

Wat eist het Bbl voor het dakoppervlak?
Sinds 1 januari 2024 staan de bouwregels in het Besluit bouwwerken leefomgeving, het Bbl. Artikel 4.47 zegt dat de bovenzijde van een dak niet brandgevaarlijk is, bepaald volgens NEN 6063. Die norm is in 2019 herzien.
Een dak dat voldoet aan Broof t1 volgens EN 13501-5 wordt als niet brandgevaarlijk gezien. In de praktijk is Broof t1 dus de klasse waar u naar kijkt.
Er zijn twee uitzonderingen. De eis geldt niet voor een bouwwerk tot 50 m2. En hij geldt niet als het gebouw geen verblijfsvloer hoger dan 5 meter heeft en de brandgevaarlijke delen van het dak minstens 15 meter van de perceelsgrens liggen. Voor de meeste bedrijfspanden, scholen en complexen geldt de eis dus gewoon.
Geldt Broof t1 voor een product of voor het hele dak?
Voor het hele dak. Dat is een punt waar het vaak misgaat. De klasse hoort bij een complete opbouw: de dakbedekking, de isolatie, de ondergrond en de manier van bevestigen.
Een bitumen baan kan in de ene opbouw Broof t1 halen en in de andere niet. Een andere isolatie of een andere lijm kan de uitkomst veranderen. Fabrikanten testen daarom vaste combinaties en vermelden die in hun documentatie.
- Vraag bij een offerte welke opbouw is getest.
- Controleer of de isolatie en de bevestiging overeenkomen met die opbouw.
- Bewaar de productbladen en de testrapporten bij de opleverstukken.
Welke isolatie daarbij past, leest u in ons artikel over brandveilige dakisolatie.

Welke dakbedekkingen halen Broof t1?
De meeste moderne dakbedekkingen zijn in een geteste opbouw met Broof t1 leverbaar. Het verschilt wel per product en per systeem.
| Dakbedekking | Broof t1 | Let op |
|---|---|---|
| Bitumen | Vaak in een geteste opbouw | Toplaag met leislag of een speciale brandvertragende toplaag |
| EPDM | Afhankelijk van systeem en ondergrond | Niet elke EPDM-opbouw is getest, vraag het na |
| Kunststof (PVC, TPO) | Vaak in een geteste opbouw | Geldt voor een specifieke combinatie met isolatie |
| Dak met grind of tegels | Ballast helpt tegen vliegvuur | Laagdikte en type ballast moeten kloppen |
NEN 6063 is niet bedoeld voor begroeide daken en daken met zonnepanelen. Voor een groendak of een dak met panelen gelden aparte afwegingen. Vraag daar bij de leverancier van het systeem naar.
Waar let u op bij renovatie?
Bij een renovatie komt er vaak een nieuwe laag op een bestaande opbouw. Dan is de vraag of die combinatie nog als geheel voldoet. Een nieuwe toplaag op oude isolatie is niet vanzelf een geteste opbouw.
Ook de verwerking telt. Brandveilig werken tijdens het leggen staat los van de brandklasse van het eindresultaat, maar beide zijn nodig. In ons artikel over brandveilig dakdekken leest u welke methodes bij welk detail passen.
Bij grote bedrijfshallen speelt nog iets. Daar ligt vaak bitumen op staal of op een lichte isolatie. Hoe u zo’n dak aanpakt, leest u in ons artikel over een bitumen dak op een bedrijfshal.

Hoe controleert u de brandklasse van een bestaand dak?
Bij een ouder dak zijn de stukken vaak niet meer te vinden. Dan begint het bij een opname. Een dakdekker kan zien welke dakbedekking er ligt en met een kleine proefopening vaststellen welke isolatie en ondergrond eronder zitten.
Met die gegevens kunt u bij de fabrikant nagaan of de opbouw getest is. Lukt dat niet, dan is de brandklasse van het bestaande dak onzeker. Bij een renovatie is dat een goed moment om te kiezen voor een opbouw waarvan de klasse wel vaststaat.
- Zoek eerst de oude opleverstukken en facturen op.
- Laat de opbouw vastleggen met foto’s en een korte beschrijving.
- Leg vast welke nieuwe opbouw wordt gelegd en bewaar de testgegevens.
Die stukken helpen later ook bij vragen van uw verzekeraar of bij verkoop van het pand.
Wanneer schakelt u een dakdekker in?
Bij elke vervanging of renovatie van een plat dak op een bedrijfspand. Ook als uw verzekeraar vraagt naar de brandklasse van het dak, is een opname zinvol. Dan kan de dakdekker nagaan welke opbouw er ligt.
Wij leggen platte daken met bitumen, EPDM en kunststof in Noord-Holland, Groningen en Drenthe. In de offerte staat per onderdeel welke opbouw we leggen. Bij een volledig nieuwe dakbedekking geven we 10 jaar garantie op de waterdichtheid, naast de fabrieksgarantie op de materialen. Meer leest u op de pagina over platte daken voor bedrijven.
Veelgestelde vragen
Wat betekent de t1 in Broof t1?
De t1 verwijst naar testmethode 1 uit de Europese norm. Die test bootst vliegvuur na, zoals vonken en brandende deeltjes die op het dak vallen.
Is Broof t1 verplicht?
Het Bbl eist dat de bovenzijde van een dak niet brandgevaarlijk is volgens NEN 6063. Een dak met Broof t1 voldoet daaraan. Er is een uitzondering voor lage gebouwen ver van de perceelsgrens.
Heeft een losse dakbaan een brandklasse?
De klasse hoort bij een geteste opbouw, dus de combinatie van dakbedekking, isolatie, ondergrond en bevestiging. Een andere combinatie kan een andere uitkomst geven.
Geldt Broof t1 ook voor een groendak?
NEN 6063 is niet bedoeld voor begroeide daken en daken met zonnepanelen. Daarvoor gelden aparte afwegingen per systeem.





